Wetsbescherming / Veiligheid

Kinderrecht Artikel 8: Het kind heeft recht op het behoud van identiteit, zoals nationaliteit, naam en familiebanden. De overheid steunt het kind om zijn of haar identiteit te herstellen als die ontnomen is.

Kinderrecht Artikel 11: Het kind heeft recht op bescherming tegen ontvoering naar het buitenland door een ouder. De overheid neemt maatregelen om terugkeer mogelijk te maken.

Kinderrecht Artikel 12: Het kind heeft recht om een mening te geven en gehoord te worden over alle zaken die hem/haar aangaan. De overheid zorgt ervoor dat het kind diens mening kan uiten en er naar hem/haar geluisterd wordt. Dit geldt ook voor gerechtelijke en bestuurlijke procedures.

Kinderrecht Artikel 17: Het kind heeft recht op toegang tot informatie en materialen van verschillende bronnen en met name op die welke zijn/haar welzijn en gezondheid bevorderen. De overheid stimuleert productie en verspreiding van informatie en zorgt ervoor dat het kind beschermd wordt tegen schadelijke informatie.

Kinderrecht Artikel 30: Een kind uit een etnische, religieuze of linguļstische minderheidsgroep heeft het recht om zijn/haar eigen cultuur te beleven, godsdienst te belijden of taal te gebruiken.

Kinderrecht Artikel 33: Het kind heeft recht op bescherming tegen drugsgebruik. De overheid moet maatregelen nemen zodat kinderen niet ingezet worden bij het maken van of in de handel van drugs.

Kinderrecht Artikel 35: Het kind heeft recht op bescherming tegen ontvoering en mensenhandel. Overheidsmaatregelen tegen ontvoering, verkoop of verhandelen van kinderen.

Kinderrecht Artikel 36: Het kind heeft recht op bescherming tegen alle vormen van uitbuiting die schadelijk zijn voor enig aspect van het welzijn van het kind.

Kinderrecht Artikel 37: Marteling en andere vormen van wrede, onmenselijke en onterende behandeling of bestraffing zijn verboden. Veroordeling tot doodstraf of tot levenslange gevangenisstraf is verboden. Opsluiting mag alleen als uiterste maatregel en dan zo kort mogelijk en niet samen met een volwassene. De rechter beslist of opsluiting mag. Een kind heeft recht op juridische steun, menswaardige behandeling en contact met familie.

Kinderrecht Artikel 38: Een kind in een oorlogssituatie heeft recht op extra bescherming en zorg. De overheid waarborgt dat kinderen jonger dan 15 jaar geen militaire dienst hoeven te vervullen.

Kinderrecht Artikel 39: Een kind dat slachtoffer is van uitbuiting, misbruik, foltering, of andere wrede, onmenselijke of onterende behandeling heeft recht op bijzondere zorg - in een omgeving die goed is voor diens zelfrespect, gezondheid en waardigheid - voor herstel en herintegratie in de samenleving.

Kinderrecht Artikel 40: Ieder kind dat verdacht, vervolgd of veroordeeld wordt voor een strafbaar feit heeft recht op een respectvolle en menswaardige pedagogische behandeling, die herintegratie en een opbouwende rol in de samenleving bevordert. Een kind heeft recht op een eerlijk proces en juridische bijstand. De overheid houdt een kind zoveel mogelijk buiten strafrechtelijke procedures.